zaterdag 25 juni 2016

INTER COASTAL MARATHON



Deze tekst vinden we mooi! Die houden we er in!
********************************************************************************


Als we 's ochtends vertrekken, staat de maan
nog prachtig aan de hemel.
Half zes. Een nieuwe werkdag begint op Antares, onderweg op de Inter Coastal Waterways. Ketel water op het vuur, routeboek (the Intercoastal Waterway chartbook. Norfolk, Virgina to Miami, Florida. Onze is uit 2007 maar desalniettemin nog altijd erg handig) en handmarifoon naar buiten, motor starten, ankerop. Het is prachtig zo 's morgens vroeg. Zon aan de horizon, pelikanen op het water, dolfijnen die in de verte springen. Het water van de ICW is grijs, dat is even wennen na het prachtige heldere Bahama water. Het is zaterdag 18 juni. Afgelopen woensdag vertrokken we vanaf Canaveral. Met enige haast, want begin juli krijgen we bezoek van Hedda's oom en tante, in Norh Carolina en dat is 713 mijl varen via de ICW. Misschien kunnen we nog stukken via zee, maar met het instabiele weer kunnen we daar niet van uitgaan en dus varen we van zonsopkomst  tot zonsondergang.


Bij St Augustine komen we een piratenschip tegen. St Augustine is de oudste stad van de USA. In het najaar hopen we deze stad te bezoeken.


KENNEDY SPACE CENTER
raketten uit de jaren '50
Eerder in de week, dinsdag 14 juni, hadden we een 'nu we er toch zijn' dag. Geankerd voor Cape Canaveral keken we op internet wat een dagje spacecenter kost. Aj... Toch maar niet. Maar toen kregen we een whatsapp van de Arion bemanning. Zij wilden ons graag meenemen naar Kennedy Space Center, als dank dat we hen naar Canaveral hadden gesleept.


Hier werden de Space Shuttles in elkaar gezet en onderhouden. Nu wordt de hangar omgebouwd voor het volgende hoofdstuk. de SLS
APOLLO
Het werd een erg gezellige dag en een groot feest voor Quirijn om de hele dag met de twee kids van de Arion op te trekken. En, ach ja, dat rare ronde ding hangend aan het dak, waar zijn ouders zo lyrisch over waren -een of andere ouwe schroothoop was het... Ze noemen het de Apollo ofzo... Ze zeggen dat ze er mee naar de maan zijn geweest. Tsss. En da geleufde gij? ... En waar zijn ouders allerlei oersaaie dingen over gingen voorlezen, dat zal dan allemaal wel - maar echt leuk was het natuurlijk dat je echt super hard kon rondrennen door die grote hangar en dat je je kon verstoppen achter alle steunpalen.


We maken 'live' de start van Apollo 11 mee, die naar de maan vloog.

De eerste maanpakken lijken net op ridderharnassen 

En in deze hal kun je dus super lekker rondrennen. Onder een originele Apollo raket, maar wie kan dat wat boeien?

SPACE SHUTTLE
Daarna bezochten we het informatiecentrum over het Space Shuttle Programma. Met een van de drie (van oorspronkelijk vijf) Space Shuttles prominent in de hal opgehangen. Wat ontzettend mooi en indrukwekkend om in het echt te zien. En inzicht te krijgen in de verschillende verblijfsruimtes in de shuttle. De controle cabine met de cockpitramen op de bovenste verdieping, daar onder een verblijfsruimte waar ook het toilet en de 'keuken' is en beneden de slaapruimte. Verder de laadruimte die het grootste deel van de shuttle in beslag neemt en waar satellieten en andere materialen werden meegevoerd. Nu vallen alle beelden die we in de jaren tachtig een negentig via de televisie zagen vanuit de Space shuttle, op zijn plek. We zien in gedachten Wubbo Ockels zijn experimenten live uitvoeren op het Jeugdjournaal. Zien opnieuw de verschillende Space Shuttles opstarten en terugkeren op aarde en denken terug aan de Challenger, die in 1986 verongelukte.





Achter de pedalen van de Space Shuttle
Hedda vertelt ons over het boek over de Space Shuttle dat ze als kind kreeg van haar Ome Derk. 

Quirijn en Arthur besturen zelf een Space Shuttle, we wanen ons in het ruimtevaartstation ISS en in een simulator ervaren we de krachten die gepaard gaan bij een raketlancering. 

Een stijle glijbaan simuleert de g-krachten in de Space Shuttle maar Quirijn bedenkt zich een meter na zijn vertrek en houdt zich krampachtig vast aan de zijrand van de glijbaan, bungelend boven de diepte. Uiteindelijk rolt hij voorover en op zijn buik belandt hij beneden. Ach ja, ook niet iedere maanlanding verloopt soepel.

Oeps! Dat is best hoog.
Quirijn maakt even een ruimtewandeling
Even een kijkje nemen in het ruimtecentrum.



SLS PROGRAMMA
Tenslotte bezoeken we het meest recente project van de NASA, de voorbereidingen voor ruimtevluchten naar Mars met de SLS. Naar verwachting vanaf 2021 en de hangar en het vertrekplatform voor de Space Shuttle worden momenteel omgebouwd voor de SLS. NASA zoekt nog slimme jongen m/v om deze reizen en eventueel langdurig verblijf op Mars mogelijk te maken.
De nieuwe SLS




Iedereen opstellen bij zijn eigen landenvlag! Europese Unie goed vertegenwoordigd... oh nee, toch niet... Nu ja, toen nog wel. 



LANCERING
Woensdagochtend zien we de lancering van een raket die een (aantal?) satelliet(en) de ruimte in brengt. Hoewel de afstand tussen ons en de lancering groot is, doet het felle licht van de raket haast pijn aan je ogen en onze boot trilt door het harde geluid van de raket. Na de lancering gaan wij ankerop en pakken de ICW route op. 


De 'Quirijn Rocket Mk I Cars-edition 2016'

Het is even aftasten hoe veel afstand we per dag kunnen afleggen. Die woensdag vertrekken we om elf uur en varen we ruim vijftig mijl en ankeren in Daytona Beach. We hebben lange tijd stroom mee en kunnen ook het voorzeil bijzetten, waardoor we soms zeven knopen snelheid halen. Donderdag varen we door een afwisselend landschap langs dorpen, landerijen en bossen. We lopen vast in een bocht maar komen gelukkig weer los. Er komt een stuk aan van twintig mijl waar we niet kunnen ankeren en dus is de vraag of we voor dat stuk moeten stoppen, of dat we voor donker nog dat traject kunnen overbruggen. We kiezen voor de laatste optie en ankeren tegen negen uur in de avond bij het allerlaatste daglicht. In het donker varen op de ICW is haast onmogelijk vanwege de onverlichte palen en omdat je in het donker de loop van een kreek of rivier niet kunt zien. 75 mijl gevaren, dat schiet lekker op.


Een pelikaan vliegt bijna een uur met ons mee. 


Daar komt weer een bui. Altijd mooi te zien vanaf het water.

Voorzeil erbij. Schier lekker op.



MARSH, MARSH EN ...
Ook vrijdag leggen we een grote afstand af, 73 mijl. We boffen dat hoogwater in de ochtend en avond valt, zodat we maar een keer per dag laagwater hebben. Rond laagwater is het erg vervelend varen, we varen steeds met het oog op de dieptemeter en moeten soms echt zoeken waar de vaargeul loopt zodat we voldoende diepte houden. Vandaag lopen we weer aan de grond maar komen gelukkig wederom zelf vrij. Wel lastig, om je heen zie je alleen maar water maar toch loopt de dieptemeter snel terug van vijf meter naar drie, 2,5, 2,2, 2,1. We zien het regelmatig in het gebied Georgia, waar we inmiddels varen. Georgia vinden we ook een erg saai stuk. We zijn twee dagen lang alleen maar MARSH; grasland, kreken en moeras. Zo ver je kijkt. 


Alleen maar gras en moeras, zo ver je kijkt
Maar genoeg tijd voor school en knutselen.
Oh je! Hier wordt het weer serieus ondiep.

Vrijdag eind van de dag komt er een front over met naar verwachting veel wind en onweer. Maar om ons heen is alleen maar grasland en we kijken er niet naar uit om in dat weer in het open veld te liggen. Gelukkig vinden we enige beschutting bij de enige struiken die we vandaag zien, precies eind van de dag en vijf minuten voor het slechte weer ons overvalt. We ankeren midden in de ICW -er vaart hier toch niemand- en de wind giert Antares naar alle kanten. 'Oh, het anker krabt' zegt Quirijn terwijl hij spelletje doet aan de navigatietafel en ondertussen op de kaartplotter kijkt. Inderdaad, het anker had te weinig tijd om goed te zetten nu er vlagen van rond vijftig knopen overkomen. Handig, zo'n zoon! We zetten alle ankerketting die we hebben en blijven dan wel liggen.


Daar komt ie dan... Ons anker ligt nog maar net als het front overkomt. Mooie timing.

En op het vlakke water staan opeens golven.


Dit is dus een privesteiger bij een huis.
Met boothuis en gastenverblijf! 
We hebben een uitgave waarin ankerplaatsen en ondiepe stukken langs de ICW staan beschreven (Anchorages along the Intercoastal Waterway). Ik vind deze uitgave van weinig toegevoegde waarde. De ankerplaatsen die er in beschreven staan zijn vaak onbruikbaar voor ons omdat je eerst over een ondiep stuk moet om er te komen en belangrijker nog, wij ervaren dat je vrijwel overal langs de ICW wel kunt ankeren als je even goed naar de kaart kijkt waar je beschut voor wind en stroming kunt liggen.







ALIAS 45000 AUTOKILOMETERS
Quirijn oefent zijn peilkompas skills
Zaterdag zou het naar verwachting de hele dag regenen, maar dat valt gelukkig mee. Alleen wat korte buitjes. We volgen weer nauwkeurig de ICW weg door de vaargeul van boei naar boei en proberen vrij te blijven van ondieptes. Vijftien uur per dag aan het stuur geeft voldoende tijd om wat te rekenen en zo reken ik uit... als we de hele weg via de ICW varen, dan is de afstand van West Palm Beach in Florida naar New York ruim 1250 mijl. Met onze snelheid van circa vijf mijl per uur is dat 250 uur varen. Als je dat omrekent naar een autotocht met een gemiddelde snelheid van 90 km/uur dan staat onze te varen afstand gelijk aan 22.500 kilometer. En dat zelfde eind (stukje verder nog) moeten we ook weer terug naar het zuiden komend najaar, dus dat maakt dan ruim 45000 kilometer met de auto.


Weer stroom tegen...
Lang geleden dat we ons zeilpak droegen

Het raam van de buiskap onder het zout.
De stroom zit vandaag tegen en de hele dag hebben we windkracht 6 a 7 pal tegen. De route voert langs een aantal 'inlets', delta's waar de kreken en rivieren in zee uitmonden. De harde wind staat hier pal naar binnen waardoor er hoge golven ontstaan. We stuiteren door de zee opening naar het volgende deel van de ICW route, waarbij we grote bakken zout water overkrijgen en de snelheid regelmatig naar onder de twee knopen terugloopt. Hoewel we net zo veel uren maken als de afgelopen twee dagen, komen we vijftien mijl minder ver.

Einde dag persen we er alles uit om eindelijk weer eens in een bewoonde omgeving te komen. Echt, we hebben een natuuroverschot gehad in de afgelopen dagen. Wel zagen we zaterdagochtend tot ons plezier een krokodil achter onze boot de vaarroute oversteken (wie heeft er voorrang?) en op de ankerplaats afgelopen nacht zagen we ook twee krokodillen. Heel bijzonder.


Ja echt, dat is hem. De krokodil



Huizen! Bewoonde wereld! Whoehoe !!!!

900 pk aan buitenboordmotoren achter je lichte open bootje...!


Samen tekenen



CHARLESTON
Zondag is de route weer lekker afwisselend over een prachtige rivier langs huizen, landerijen, bossen en stukken grasland en moeras. Stroom hoofdzakelijk tegen en flinke wind tegen, dus afgelegde afstand niet om over naar huis te schrijven. Maar ons doel, Charleston, nadert. Daar hopen we maandagmiddag aan te komen, zodat we even snel boodschappen kunnen doen en dinsdag gebruik maken van een klein weergat om vanuit Charleston via zee een stuk verder te komen.



Wat een prachtige zonsondergang op zondagavond.

Zondagavond valt het anker bij een prachtige zonsondergang en maandag hoeven we nog maar 36 mijl naar Charleston, waar we maandag begin van de middag aankomen. Hier vinden we de Tisento die al tijden wacht op goed weer om buitenom verder te varen, vanwege hun hoge mast is de ICW geen optie voor hen. 

Wij zijn inmiddels aardig uitgeteld en even boodschappen doen leert ons hoe fraai Charleston is. Hedda heeft contact met haar tante om het rendez vous in North Carolina verder te bespreken en dan blijkt dat we nog tijd beschikbaar hebben dan eerst het geval leek. En dat is mooi, want dat betekent dat we niet dinsdagochtend heel vroeg weer verder moeten, maar even op adem kunnen komen in deze fraaie historische stad, waar in 1861 het beginschot van de bloedige vier jaar durende Amerikaanse burgeroorlog klonk. Maar dan hebben we het al weer over ons volgend weblogbericht...
Diesel tanken in Charleston. De romp van Antares is heel vies geel en bruin geworden op de ICW.
Echt, we schreven het al, zo veel natuuroverschot daar...



dinsdag 21 juni 2016

SLEEPBOOT ANTARES

'I love it when a plan comes together' sprak mijn jeugdheld John 'Hannibal' Smith altijd, als hij en zijn vrienden weer eens een paar nare vechtersbazen te grazen hadden genomen. Sigaar in de mondhoek, grijns van oor tot oor. Hannibal was geen zeiler. En gelukkig maar. Want plannen van zeilers sneuvelen regelmatig. Zo ook de afgelopen dagen bij Antares.

HOLLEN OF STILSTAAN
De weersomstandigheden langs de Amerikaanse oostkust zijn redelijk vergelijkbaar met die in noord west Europa. Veel lagedrukgebieden en depressies, met tussendoor een aantal dagen om weer verder te hoppen. Enig verschil is dat hier ook iedere dag wel onweersbuien overtrekken en squalls met windstoten. Die maken de weergaten vaak nog korter. En lagedrukgebieden kunnen een tropisch karakter hebben, wat lekkerder klinkt dan dat het is. En dus wachten wij in West Palm Beach tot tropische storm 'Colin' voorbij is en gebruiken de instabiele dagen erna om via de ICW* (wat de ICW is, staat onder dit blogbericht uitgelegd) noordwaarts te varen.


Tropische storm Colin trekt over. Prachtig te zien aan de dreigende lucht die nadert.
'Bij ons in West Palm Beach' hadden we wel wat regen en windvlagen, maar was er niets aan de hand.
Noord Florida had te maken met dikke wind en veel regen.
Er is langs de ICW meer dan genoeg te zien. In Florida bouwen ze de meest mooie... uhm... afgrijselijke huizen, zoals een mix van renaissance en moorse elementen, in combinatie met moderne witte kunststof kozijnen en schuifpuien. Nep rotsen in de tuin waar dan een waterval vanaf stort. We vervelen ons geen moment, hebben genoeg te zien. Niet alle delen van de ICW zijn zo bekijkelijk, maar dat lezen jullie pas in een volgend weblog.
Genoeg te zien langs de ICW in Florida. De meest 'prachtige??' optrekjes...

Ook langs de ICW: een zeilboot met imperiaal, of dakterras
We hebben ook genoeg te doen onderweg. We varen gezellig met de Arion op en soms zo dicht bij elkaar, dat er over en weer bellen geblazen en gevangen kunnen worden. Ook varen we met Puff op, maar na twee dagen volgt het afscheid en gaan zij terug naar West Palm waar hun boot op transport gaat. Dezelfde middag vinden we bij aankomst op onze ankerplaats in Fort Pierce tot onze verassing de Tisento, waar we twee weken eerder afscheid van namen! We vieren het leuke weerzien met thee in plaats van alcohol, want de komende dagen moet er flink gevaren worden en met een kater is dat geen pretje.


Bellen blazen en vangen.
Puff en Antares (bemanning) eindelijk weer eens samen onderweg. Hoe super leuk is dat!
SNELWEG
Er is een mooi weergat van maar liefst drie dagen, waarin we flink noordwaarts kunnen hollen over zee. Zondag, maandag en dinsdag. Dat wil zeggen, er is geen wind, maar die kan dan ook niet uit de verkeerde hoek komen. In de loop van woensdag nemen squalls en onweersbuien weer in intensiteit toe, gaat het harder waaien en wel uit het noordoosten; pal tegen onze richting. Later in de week volgt dan waarschijnlijk weer een (tropisch) laag, met veertig tot vijftig knopen wind (windkracht acht, negen).

Ons plan is om naar Charleston te varen, ongeveer 330 mijl noordelijk. We motoren zondagochtend vroeg vijftien mijl de zee op, op zoek naar de Golfstroom die met twee tot drie knopen noordelijk stroomt. Arion is voor ons vertrokken en op de AIS zien wij dat hun snelheid oploopt van 4,5 knoop naar 5,5, 6, 7, 7.8 knoop. Anderhalf uur later zien we ook onze snelheid toenemen, zodra de waterdiepte meer dan honderd meter aangeeft. 'Daar gaan we dan' roepen we enthousiast als de snelheid steeds meer oploopt. We tikken regelmatig 8 knopen aan (whoehoe!) en berekenen dat deze 300+ mijl lange tocht waarschijnlijk in maar 48 uur tijd kunnen volbrengen, waarbij we zestig mijl voor Charleston weer 'afslaan' van de Golfstroom snelweg.


WE HAVE A PROBLEM
Onze stuurautomaat heeft een nukkige dag, hij wil niet al te best koers houden en vindt kennelijk dat wij zelf maar eens moeten sturen, hij heeft immers de hele weg van de Bahama's naar Florida al gestuurd. Afwisselend sturen we zelf of laten het over aan de stuurautomaat. Quirijn speelt met lego in de kuip, we zetten een luisterboek op, sturen, houden uitkijk, werken administratie bij, doen de afwas en maken lunch. Het zijn lekkere vaardagen, zo zonder golven kun je opeens van alles doen op zee.


Onderweg naar Charleston krijgen we een vogel op bezoek, hij hupt lekker rond in de kuip en stoort zich niet aan ons.
'Arion gaat nog maar 2,7 knopen'. Op de AIS ziet Hedda dat hun snelheid teruggevallen is. Misschien hijsen ze het zeil? Een tijdje later gaan ze nog steeds langzaam. We roepen ze op met de marifoon. 'Yes, we have a problem' vertellen ze. De automatische brandblusser in de motorruimte is afgegaan. Het hele motorcompartiment zit onder de witte bluspoeder en de motor doet het niet meer. De bluspoeder spoot zelfs uit de uitlaat, dus de motor zit ongetwijfeld ook intern vol met bluspoeder. Maar het lijkt er op dat er een beetje wind is dus ze gaan zeilen. Wij kunnen gewoon doorvaren, zij redden zich wel...

NIEUW PLAN
Natuurlijk kunnen wij niet zo maar doorvaren, vinden we. Als wij daar zouden liggen, zouden we het ook prettig vinden als er een ander schip in de buurt is voor hulp. De omstandigheden om door te varen naar Charleston zijn ideaal nu en we weten dat het nog zeker anderhalve week zal duren voordat er misschien weer een goed moment komt... maar ja, Hannibal Smith kan de kolere krijgen, plan Charleston verdwijnt van de navigatietafel.

Terwijl we onze koers verleggen naar Arion maken we een nieuw plan. Canaveral is de dichtstbijzijnde haven, ruim 40 mijl westelijk. Ten noorden van die haven ligt een ondiep gebied. Als Arion nog langer met de Golfstroom meedrijft, zijn ze te noordelijk en is Canaveral onhaalbaar. 

Als we hen naderen, zien we de zeilen slap hangen. We stellen ons plan voor; eerst slepen we hen 10 mijl naar het westen, tot ze uit de Golfstroom zijn. In de avond gooien we de sleeplijnen los en blijven bij Arion dobberen; als we beide de gemiddelde snelheid onder 2 knopen houden, komen we in het vroege ochtendlicht bij Canaveral. We slepen hen dan bij daglicht de laatste mijlen de haven in. En zo doen we het.

Het is een lange nacht, dobberen met weinig snelheid. Als er gedurende de nacht een beetje wind opsteekt, moeten we zelfs zorgen dat we niet te snel gaan en varen met een piepklein puntje voorzeil. De Arion is een snelle zeiler, dus die gaan nog een keer overstag om een paar mijl terug te varen. De hele nacht zien we knipperende lichten voor ons; het zijn de torens, gebouwen en stellingen van Kennedy Space Center, het ruimtevaartcomplex van de NASA.  


Hedda maakt de lijn klaar voor de sleep
Sleeplijnen bevestigen. Ondanks de vlakke zee stuiteren de boten toch nog flink.
Je zou dit maar moeten doen met flinke golven??
 'TOW BOAT U.K.'
'De vorige keer dat we een boot sleepten [september 2014 bij Porto, red.] was ook al een Brit', zegt Hedda terwijl we in de vroege ochtend de kust naderen. 'Eigenlijk zijn wij Tow Boat U.K.'. In de USA heb je Tow Boat U.S., een sleepdienst waar veel mensen lid van zijn. De ICW is in theorie overal minimaal drie meter diep, maar sommige delen verzanden snel. Dan is een sleepdienst geen overbodige luxe. Wij verwachten ook delen van de ICW te zullen varen en werden daarom ook lid. Maar nu zijn wij zelf de slepende partij. De Britten hebben (nog) geen abonnement op Tow Boat U.S. 'Misschien worden we wel aangehouden straks, omdat we werk afpakken van Tow Boat...' zegt Hedda. Tja, met alle gekke regeltjes die we in de USA al tegenkwamen, zijn we een beetje paranoïde geworden. En misschien ook wel omdat we de serie 'Homeland' hebben gekeken, over de inlichtingendienst van de Amerikanen. 'Kijk' wijst Hedda met een knipoog naar een vogel die naast onze boot meevliegt 'daar heb je al het nieuwste model DRONE van de inlichtingendienst'. Maar gelukkig bestaat er nog de plicht die schepen hebben om andere schepen in problemen te helpen, dus daar kunnen we ons vast en zeker prima op beroepen mocht dat nodig zijn.


Na een nachtje dobberen pakken we de sleep weer op als de zon opkomt
We naderen Canaveral. Met de hoge torens van het space center op de achtergrond.


REN JE ROT
Arion legt contact met de marina en zij kunnen aan een langssteiger afmeren. Twee havenmedewerkers staan op de steiger om hen op te vangen. Natuurlijk ligt er al een boot aan de steiger en die ligt uiteraard precies in het midden van die steiger, zodat er voor en achter hen te weinig ruimte is om een eventuele uitloop op te vangen. Dit risico nemen we niet en we vragen de marina om een andere steiger. Dat kan, honderd meter verderop. Tot onze pret zien we dat de havenmedewerkers een heel eind moeten rennen om via een grote omweg op tijd bij de volgende steiger te zijn. Op het moment dat zij daar hijgend arriveren, overwegen we om -gewoon voor de lol- weer een volgende steiger te vragen. Dat doen we maar niet, ook al ligt hier ook weer een boot midden aan de steiger. Met hard kloppen (of door het harde uithijgen?) wekken de havenmedewerkers de opvarenden en die verplaatsen de boot een stukje, waarna de Britten veilig kunnen afmeren.


Gelukt! Arion komt veilig in de haven aan en wordt daar opgevangen door de uithijgende havenmedewerkers.
TWEE WEKEN VERTRAGING...
Ons weergat naar Charleston is verlopen en gegeven de weersverandering de komende tijd rest ons niets anders dan de ICW. Via een sluis varen we de ICW op. De route via de ICW is hier een stuk langer dan over zee, omdat de kust een ruime boog maakt, die je varend over zee kunt afsteken. Achter ons anker maken we een nieuwe planning. Naar Charleston is het via de ICW 359 mijl, oftewel een dag of tien varen, als alles meezit... Aj. Dat is bijna twee weken later dan we er zouden zijn als we gisteren 'gewoon' waren doorgevaren.


De DERDE sluis van onze reis. De eerste was IJmuiden, de tweede Oostende. Het is even geleden.

IF YOU NEED ANY HELP...
John 'Hannibal' Smith zou zich in zijn graf omdraaien (hij overleed een paar jaar geleden) als hij onze schuivende plannen zou zien. Maar als zeilende reizigers zijn wij wel gewend om te dealen met steeds veranderende situaties en onze plannen continu bij te stellen. Sterker, we maken van de nood een deugd en ankeren voor het Kennedy Space Center, waar over twee dagen een raket de ruimte in wordt geschoten. Dat willen we wel zien.

Toch is het jammer dat Smith en zijn kornuiten B.A., Face en Murdock jaren geleden met pensioen gingen. Ik had hun telefoonnummer al klaarliggen voor als we op de ICW een dienst weigerende brug zouden treffen. Want het met veel kabaal, vuur en stof opblazen van (vaarweg belemmerende) constructies was een van hun kernkwaliteiten... En dat beeld is mij, acht jaar oud in pyjama voor de tv, wekelijks ingeprent tijdens de begintune van de serie die altijd eindigde met de door een coole stem uitgesproken...


     If you Need Any Help And You Can Find Them... Hire Them...  

T H E    A - T E A M   



Tatedataaaa tadataaaa tetedadedataaaa tatedataaaaaa...






*) ICW
De Inter Coastal Waterway is een waterweg die over een afstand van circa 1500 mijl van Florida tot ergens bij New York loopt. Grotendeels net achter de zeekust in het binnenland. Mijl na mijl na mijl slingert de route door het landschap, dan weer over een breed meer, dan weer door een smalle sloot of slingerend door een kreek. Zoals de staande mastroute in Nederland, maar dan oneindig en oneindig lang. Met ontelbaar veel bruggen, elektriciteitskabels en bordjes die de route markeren.

Deels een natuurlijke waterweg, deels aangelegd. De historie voert terug naar de Tweede Wereldoorlog, toen de oostkust van Amerika werd geplaagd door U-boten, Duitse onderzeeërs die over de Atlantische Oceaan struinden op zoek naar geallieerde schepen om tot zinken te brengen. Langs de oostkust van de USA boekten de U-boten succes en brachten zo de bevoorrading van de Amerikanen vrijwel tot stilstand. De Amerikanen besloten vervolgens de ICW te realiseren waardoor een vrij veilig binnenlands watertransport mogelijk werd.

Het is uitermate prettig voor ons, varende reizigers, dat de ICW nog altijd bestaat en hij wordt dan ook volop gebruikt door pleziervaart. De Staten waar de ICW doorheen loopt spraken af om de vaarroute op drie meter diepte te houden, maar het kan verkeren. Als overheid wordt je soms geconfronteerd met een bezuinigingsopgave en dan is zo'n route natuurlijk een mooi besparingswonder. Immers, bezuinigen op de gezondheidszorg is veel opvallender dan een vaarwegbodem. - Ziet toch niemand. En als je dan ook nog eens schuivende zandbanken in je beheergebied hebt, dan kun je enige onvolkomenheden als te ondiepe waterwegen natuurlijk makkelijk afdoen met een 'Ich habe es nicht gewuszt'. Al is juist die uitspraak, tegen de achtergrond van het ontstaan van de ICW, misschien wel toepasselijk, maar eigenlijk ongepast.